
Je hebt een mail gestuurd naar een belangrijke relatie en sindsdien check je om de paar minuten je inbox. Heeft hij al gereageerd? Is er iets mis? De afwezigheid van een antwoord voelt niet als neutraliteit — het voelt als een soort dreiging, een openstaande vraag die je brein niet kan sluiten. Je weet niet wat die stilte betekent, en die onzekerheid is vermoeiender dan een definitief slecht nieuws zou zijn.
Dit is geen zwakte. Dit is de normale werking van een brein dat is geoptimaliseerd om dreigingen te detecteren, en dat onzekerheid ervaart als een van de meest belastende states die er zijn. Ons brein houdt er niet van om in het ongewisse te zijn. Het wil weten of er gevaar is, of het veilig is, of de wereld voorspelbaar genoeg is om mee om te gaan. Wanneer die informatie ontbreekt, blijft het systeem actief, zoekend naar meer input, en die voortdurende zoektocht kost energie.
Waarom onzekerheid zo belastend is
De load van onzekerheid is meetbaar in het brein. Studies naar what Uncertainty does to the brain hebben aangetoond dat onzekerheid een andere neurale respons oproept dan slecht nieuws. Wanneer je weet dat iets slechts is, dan kun je beginnen met het verwerken van die informatie, met het maken van plannen, met het aanpassen van verwachtingen. De activiteit in de amygdala — het dreigingsdetectiecentrum — is verhoogd maar niet continued. Wanneer je niet weet of iets slecht is, dan blijft de amygdala actief, wachtend op meer informatie, en die voortdurende activiteit is belastender dan een duidelijke maar tijdelijke respons.
Dit heeft te maken met de manier waarop je brein predicties maakt. Zoals we in eerdere blogs hebben besproken, is je brein constant bezig met het genereren van verwachtingen over wat er hiernächst zal gebeuren, en het vergelijkt die verwachtingen met de input die binnenkomt. Wanneer er een duidelijke verwachting is en die wordt bevestigd, dan is er weinig neuronale load — het systeem werkt efficiënt. Wanneer de verwachting vaag is, of wanneer de input contradictorisch is, dan kan het systeem niet convertergeren naar een stabiele representatie, en die staat van onzekerheid is neuronally expensive.
Er is ook een sociaal element. Voor sociale wezens zoals mensen is onzekerheid over de intenties van anderen bijzonder belastend. Wanneer je niet weet of iemand je vriend of vijand is, of die opmerking sarcastisch was of niet, of je collega je competencia of bondgenoot is — dan is dat een veel sterkere activator van je stresssysteem dan een duidelijke maar negatieve realiteit. Dit is waarom interpersoonlijke onzekerheid — onzekerheid over hoe je door anderen wordt gezien — vaak de meest belastende vorm van onzekerheid is.
Toleratie van ambiguïteit als eigenschap
Individual differences in ambiguity tolerance zijn goed gedocumenteerd in de psychologie. Sommige mensen kunnen prima functioneren in situaties van beperkte informatie, terwijl anderen channel angst en vermijding ontwikkelen wanneer ze te lang in het ongewisse worden gelaten. Deze verschillen zijn deels temperament — de ene persoon is van nature toleranter voor onzekerheid dan de andere. Maar het is ook een vaardigheid die zich ontwikkelt, en die getraind kan worden.
Onderzoek naar expertise toont aan dat ervaren professionals vaak beter om kunnen gaan met onzekerheid dan beginners, niet omdat ze minder angst ervaren maar omdat ze de onzekerheid beter kunnen containen. Een ervaren chirurg die tijdens een operatie wordt geconfronteerd met een onverwachte situatie, heeft een groter repertoire aan mogelijke responsen in zijn brein, en kan daardoor de onzekerheid beter verdragen — niet door minder onzekerheid te ervaren, maar door een beter vermogen om te functioneren within die staat.
Dit suggereert dat ambiguity tolerance niet een vast temperament is maar een ontwikkelbare eigenschap, en dat de beste manier om het te ontwikkelen is door gecontroleerde blootstelling aan situaties met beperkte informatie, in een context die veilig genoeg is om te experimenteren met het omgaan met onzekerheid. Wanneer je leert dat je onzekerheid kunt verdragen, en dat die onzekerheid niet tot een catastrofe leidt, dan bouw je een andere relatie op met de state van niet-weten. Dit is waar training en ervaring echt hun waarde bewijzen — niet alleen in het aanleren van specifieke vaardigheden, maar in het ontwikkelen van een algemene tolerantie voor het niet-weten.
De cost van vermijding
Een veelvoorkomende strategie voor het omgaan met onzekerheid is vermijding — het ontwijken van situaties of informatie die de onzekerheid zouden kunnen vergroten. Wanneer je baas je normaal gesproken feedback geeft op je werk, en je weet dat er een gesprek aankomt waar die feedback wordt gegeven, dan kun je de neiging hebben om dat gesprek uit te stellen of te ontwijken. Die vermijding vermindert de onzekerheid op de korte termijn, maar versterkt hem op de lange termijn, omdat de onzekerheid zelf een state is die niet wordt opgelost — het wachten blijft, maar de mogelijkheid om er iets aan te doen wordt steeds verder weg.
Dit is waaruit blijkt dat de cost van vermijding niet alleen ligt in het niet-oplossen van het onderliggende probleem, maar ook in het versterken van de neuronale pathways die met vermijding geassocieerd zijn. Wanneer je een patroon hebt van onzekerheid gevolgd door vermijding, dan wordt dat patroon sterker in je brein, en wordt het moeilijker om in toekomstige onzekere situaties niet te vermijden. Je leert je brein dat onzekerheid eng is en dat vermijden de manier is om ermee om te gaan — en die les is moeilijk af te leren.
Bovendien creëert vermijding een paradoxical effect: door de onzekerheid te vermijden, houd je hem in stand. De onbekende informatie blijft onbekend, de mogelijke catastrofe die je brein voorziet blijft een mogelijkheid, en deload van het niet-weten blijft aanwezig. Er zijn gevallen waarin wachten de beste strategie is, maar er zijn ook gevallen — en vaak meer dan we denken — waarin het waard is om de onzekerheid te confronteren, om de vraag te stellen, om het antwoord te zoeken, zelfs als dat antwoord moeilijk is. Soms is een slecht antwoord dat je hebt gevraagd en gekregen dragelijker dan de onzekerheid die je zou kunnen vermijden.
Wat je kunt doen
De eerste stap in het verbeteren van je ambiguity tolerance is het herkennen van het verschil tussen onzekerheid over feiten en onzekerheid over betekenis. Onzekerheid over feiten — we weten niet wie er gewonnen heeft bij de verkiezingen, we weten niet of de deal doorgaat — is een informatieprobleem, en het heeft een oplossing die dichterbij of verder weg kan zijn maar in theorie bereikbaar is. Onzekerheid over betekenis — wat zal dit betekenen voor mijn toekomst, wat denkt die persoon nu werkelijk over mij — isfundamenteel anders, omdat de betekenis pas duidelijk wordt in de toekomst, en het heden altijd inherent onzeker zal zijn over wat de toekomst brengt.
Voor onzekerheid over feiten is de interventie relatief straightforward: meer informatie verzamelen, totdat de onzekerheid acceptabel wordt. Maar voor onzekerheid over betekenis is de interventie anders: het gaat om het accepteren dat bepaalde dingen niet nu al vaststaan, en dat het proberen om ze nu al te weten een oefening is in controle willen hebben over wat niet te controleren is. Dit is waar Acceptance and Commitment Therapy en andere derde-golf therapeutische benaderingen hun werk doen — niet door de onzekerheid weg te nemen, maar door de relatie met de onzekerheid te veranderen.
Praktisch kun je werken aan je ambiguity tolerance door bewust situaties op te zoeken waarin informatie beperkt is, en jezelf te trainen in het verdragen van die staat. Dit hoeft niet groot te zijn — het kan beginnen met het niet direct checken van je telefoon wanneer je een notification krijgt, met het wachten op iemand die te laat is zonder direct te appen, met het doen van een beslissing met beperkte informatie in plaats van te wachten tot je alles weet. Deze kleine oefeningen zijn trainingen in het algemene vermogen om niet-weten te verdragen, en ze bouwen een musculatuur op die in grotere onzekerheden van pas komt.
Leiderschap en onzekerheid
Voor leiders is het omgaan met onzekerheid een van de kerncompetenties, en tegelijk een van de moeilijkste. Leiders worden vaak geconfronteerd met situaties waarin informatie beperkt is, waarin de uitkomst onzeker is, en waarin beslissingen genomen moeten worden ondanks die onzekerheid. Dit vraagt niet alleen om een hoge ambiguity tolerance, maar ook om het vermogen om met de angsten en onzekerheden van het team om te gaan — die vaak worden versterkt door de onzekerheid van de leider zelf.
Dit is waar sense-making een cruciale leiderschapsvaardigheid wordt. Wanneer de werkelijkheid onduidelijk is, dan is een van de dingen die een leider kan doen het bieden van een kader, een verhaal, een manier om naar de situatie te kijken die de onzekerheid een beetje reduceert — niet door valse zekerheid te bieden, maar door de onzekerheid te benoemen en te containen. Een leider die zegt “ik weet het ook niet, maar we gaan dit samen uitzoeken” doet iets fundamenteel anders dan een leider die doet alsof hij het wel weet: de eerste creëert een relatie met de onzekerheid die verdraagbaar is, terwijl de tweede een onhoudbare verwachting wekt die uiteindelijk zal instorten.
De beste leiders in onzekere situaties zijn niet degenen die de minste angst ervaren, maar degenen die hebben geleerd om met hun angst om te gaan terwijl ze toch functioneren. Zij hebben niet een speciaal brein dat minder onzekerheid ervaart — zij hebben geoefend in het niet laten beslissen van hun onzekerheid, in het doorwerken ondanks de state, in het nemen van beslissingen in het gezicht van onzekerheid zonder dat die onzekerheid paralytisch wordt. Dit is een becommentarieerbare eigenschap, en het is een van de meest waardevolle die een leider kan ontwikkelen. Onzekerheid is niet de vijand van goed leiderschap — slecht leiderschap is de vijand, en dat is vaak het soort leiderschap dat doet alsof onzekerheid niet bestaat.
De inhoud van deze blog is gebaseerd op onderzoek en praktijkervaring. Genoemde bronnen worden aangehaald als inspiratiebron of illustratie. Alle niet-gemarkeerde inhoud vertegenwoordigt de visie en ervaring van Sertel Ortac.
Dit artikel valt onder: Brein & Veerkracht > Metacognitie – Onzekerheid
Vond je dit nuttig? Volg me op LinkedIn voor meer inzichten.
Volg op LinkedIn