
Er was een kantoor waar ik regelmatig werkte dat altijd zacht achtergrondlawaai had. Telefoons die rinkelden, collega’s die praatten, verkeer dat voorbijreed. Aanvankelijk dacht ik dat dit mijn concentratie zou ondermijnen. Maar na een week merkte ik dat ik me juist beter kon concentreren in dat kantoor dan in de volledige stilte van mijn thuiskantoor. Dit was contra-intuitief maar het maakte iets duidelijk: mijn brein had een bepaald niveau van prikkels nodig om gefocust te blijven. Te weinig prikkels was net zo probleematisch als te veel. Concentratie is geen kwestie van prikkels uitschakelen maar van prikkels managen. Lees meer over dit thema. Lees meer over concentratie focus.
Dit is een van de paradoxen van concentratie: je brein heeft prikkels nodig om alert te blijven, maar te veel prikkels leiden tot afleiding. Hoe je brein dit evenwicht beheert is een van de meest fascinerende processen in de cognitieve neurowetenschap. Het gaat om het vermogen van het brein om te bepalen welke prikkels relevant zijn en welke genegeerd kunnen worden. Dit vermogen is niet statisch — het kan getraind worden maar het kan ook uitgeput raken. De sleutel tot concentratie ligt in dit filtrerende vermogen, en de sleutel tot het trainen van concentratie ligt in het begrijpen van hoe dit filter werkt.
Dit artikel gaat over: Concentratie & Focus
Het mechanisme achter prikkelfiltering zit in de thalamus en de prefrontale cortex. De thalamus is de eerste checkpoint voor zintuiglijke informatie: hier wordt bepaald of een prikkel belangrijk genoeg is om door te geven naar de hogere cortex. De prefrontale cortex speelt een actievere rol: hier worden de doelen en prioriteiten bijgehouden die bepalen waar je aandacht naartoe gaat. Samen vormen ze het filtersysteem dat bepaalt wat je bewust waarneemt en wat niet. Dit systeem is niet perfect — het kan worden overbelast, het kan fouten maken, en het kan vermoeid raken.
Wanneer je je probeert te concentreren, activeert je brein dit filtersysteem om irrelevante prikkels te onderdrukken. Dit kost inspanning en hiervoor gelden een paar belangrijke principes. Ten eerste: het filter kan niet alles blokkeren. Er is altijd een restcapaciteit aan aandacht die naar onverwachte prikkels kan gaan. Ten tweede: het filter wordt moe. Wanneer je je langdurig moet concentreren, vermindert het vermogen om prikkels te filteren geleidelijk. Dit is de reden waarom langdurige concentratie moeilijker wordt naarmate de tijd verstrijkt. Het brein heeft een bepaald budget voor concentratie, en dat budget is niet ongelimiteerd.
In mijn werk merkte ik dat de omgeving die het best werkte voor concentratie niet altijd de stilste was. Het was de omgeving met een consistent achtergrondgeluid dat geen aandacht vroeg. Dit fenomeen heet stochastic resonance: een bepaald niveau van willekeurige input kan het zenuwstelsel helpen om signalen beter te detecteren. Te veel lawaai werkt averechts, maar een beetje achtergrondgeluid kan juist helpen. Dit is waarom veel mensen beter werken in een koffiebar dan in een stille bibliotheek. De juiste achtergrondprikkel helpt het brein om gefocust te blijven zonder dat het hoeft te vechten tegen volledige stilte.
Het probleem van mofne prikkels
De uitdaging voor concentratie in de mofne wereld is dat prikkels steeds meer gericht zijn op het vangen van aandacht. Notificaties, advertenties, automatisch afspelende video’s — dit zijn allemaal prikkels die geëvolueerd zijn om het filtersysteem te omzeilen. Ze maken gebruik van de intrinsieke aandachtsmechanismen van het brein om jouw aandacht te grijpen voordat je bewuste brein kan ingrijpen. Het gevolg is dat onze omgeving steeds meer gericht is op het verstoren van concentratie in plaats van het ondersteunen ervan. Deze prikkels zijn niet neutraal — ze zijn ontworpen om jouw aandacht te stelen.
Het probleem is dat deze prikkels niet alleen afleiden maar ook het vermogen om je te concentreren langetermijn kunnen beinvloeden. Wanneer je brein gewend raakt aan constante notificaties, past het zijn filterniveau aan. Het wordt moeilijker om langdurig gefocust te blijven omdat het brein heeft geleerd dat nieuwe prikkels altijd beschikbaar zijn en dat het de moeite niet waard is om diep te focussen. Dit is een aanpassing van het brein aan de omgeving, en het is niet gemakkelijk om te keren. De mofne omgeving traint ons brein in afleiding, niet in concentratie.
De implicatie is dat het managen van prikkels niet gaat om het creëren van een perfecte omgeving maar om het bewust kiezen van de prikkels waaraan je je blootstelt. Dit betekent niet dat je alle afleiding moet verwijderen maar dat je een bewuste relatie ontwikkelt met de prikkels in je omgeving. Welke prikkels zijn ondersteunend voor wat je probeert te doen? Welke prikkels werken averechts? Deze vragen zijn de basis voor het inrichten van een omgeving die concentratie bevordert. Concentratie is uiteindelijk een keuze, elke keer opnieuw.
Wat je concreet kunt doen
Een van de meest effectieve strategieën voor het omgaan met prikkels is het kiezen van specifieke tijdsblokken voor specifieke types werk. Wanneer je weet dat je een paar uur gefocust moet werken, kan je omgeving anders zijn dan wanneer je informatie verwerkt. Dit betekent niet altijd een ander fysiek locatie maar wel een andere mentale instelling. De overgang tussen blokken is belangrijk: neem even de tijd om te markeren dat je van het ene type werk naar het andere gaat. Dit ritueel helpt het brein om de juiste modus te activeren voor wat komen gaat.
Daarnaast is het belangrijk om te begrijpen dat je filters vermoeid raken. Dit betekent niet dat je altijd in een prikkelarme omgeving moet werken maar wel dat je bewust bent van de staat van je filtervermogen. Wanneer je merkt dat afleidingen steeds meer binnenkomen, is dat vaak een teken dat je filtervermogen is uitgeput. De beste interventie is dan niet meer wilskracht maar een korte pauze die het filter de tijd geeft om te herstellen. Zelfs een paar minuten kan helpen. Soms is de beste manier om meer te bereiken door even niets te doen.
Concentratie en omgevingsprikkels zijn nauw verbonden. Omgevingsfactoren Die Je Focus Saboteren: Wat Je Werkplek Met Je Brein Doet beschrijft hoe je fysieke omgeving concentratie beinvloedt. Multitasken Is Een Mythe: Waarom Je Brein Niet Echt Kan Multitasken gaat over hoe het brein omgaat met meerdere prikkels. En Digitale Afleiding: Waarom Notifications Je Brein Permanente Kosten beschrijft hoe mofne technologie concentratie ondermijnt.
Dit artikel valt onder: Concentratie & Focus
Bronnen bij dit artikel:
Mouse, D.T., & Egeth, H.E. (2009). Selective attention in the human brain. Annual Review of Psychology, 60, 53-80.
Simons, D.J., & Chabris, C.F. (1999). What diners don’t see: Another spotlight of visual attention. Perception, 28(9), 1059-1074.
Ward, A.F., et al. (2017). Brain in the pocket: Can smartphones influence our cognition? Psychological Science, 28(9), 1231-1240.
De inhoud van deze blog is gebaseerd op onderzoek, praktijkervaring en persoonlijke inzichten. Genoemde auteurs en onderzoeken worden aangehaald als inspiratiebron of illustratie. Alle niet-gemarkeerde inhoud vertegenwoordigt de visie en ervaring van Sertel Ortac.
Vond je dit nuttig? Volg me op LinkedIn voor meer inzichten.
Volg op LinkedIn